Haarmasker
Een haarmasker is een conditioner met meer kracht en een langere inwerktijd. Waar een conditioner vooral de buitenkant gladstrijkt, komen de ingrediënten van een masker dieper de haarschacht in. Eén tot twee keer per week is genoeg. Gebruik het op handdoekdroog haar in plaats van kletsnat — dan verdunt het niet.
Vocht of eiwit, dat is de keuze. Voelt je haar droog en dof maar wel rekbaar, dan mist het vocht en wil je een hydraterend masker. Voelt het stroef, breekt het af en rekt het nauwelijks, dan mist het eiwit of keratine. Allebei tegelijk overdrijven werkt tegen je: te veel eiwit zonder vocht maakt haar juist stugger en brekeriger.
Langer laten zitten helpt niet automatisch. De meeste maskers zijn na vijf tot tien minuten klaar; wat daarna gebeurt is vooral wachten. Uitzondering zijn de intensieve kuren die daar expliciet voor gemaakt zijn, en dat staat dan op de verpakking.
Breng aan vanaf halverwege tot in de punten, niet op de hoofdhuid. Punten zijn het oudste stuk haar en hebben het meeste doorstaan; daar zit je schade. Kam het door met je vingers of een grove kam zodat het overal komt. Na een masker hoef je geen conditioner meer.